Partijvoorzitters

Niets blijft hetzelfde. Ook in een politieke partij. Nieuwe gezichten worden verwelkomd, oude bekenden uitgezwaaid. Dat is ook zo met de voorzitters. Weet je nog wie voorzitter was in 1994 of wanneer Karel Van Miert de leiding had? Is het antwoord positief, dan mag u zichzelf een dikke pluim geven. U zou bijzonder hoog scoren in een quiz over de geschiedenis van het Vlaamse socialisme. Weet u het niet, dan volgt hieronder een handig geheugensteuntje.

Het overzicht van de voorzitters begint met de huidige voorzitter. Of beter gezegd: voorzitster. Inderdaad, voor de eerste maal in de geschiedenis van de socialistische partij staat een vrouw aan het roer van het schip. Een primeur.

Caroline Gennez (2007-)

Caroline Gennez“Doe goed en kijk niet om”. Dat is het motto van de jongste voorzitter van sp.a ooit. En dat blijkt duidelijk uit het traject dat ze nu al heeft afgelegd.

Doel van Caroline was om het te maken in de tenniswereld. Helaas maakte een hernia een abrupt einde aan dat plan. De vastberadenheid en de strijdlust bleef echter. Dat werd duidelijk als voorzitter van de Jong Socialisten, die ze omvormde tot Animo. Een brede, open, progressieve jongerenbeweging met net dat beetje meer: rebels en recht voor de raap. Wars van taboes en dogma’s.

In 2004 ruilde ze Sint-Truiden voor Mechelen, waar ze de partij opnieuw duidelijk op de kaart zette. Na de verkiezingen van 2004 werd ze sp.a-spirit-fractievoorzitter in het Vlaams Parlement. Ondertussen werd ze ook verkozen als ondervoorzitter van sp.a, naast Steve Stevaert. Toen hij gouverneur van Limburg werd, nam Caroline tijdelijk de leiding over.

Op 15 oktober 2005 werd Johan Vande Lanotte voorzitter en werd Caroline opnieuw ondervoorzitter. Na een in mineur eindigende federale verkiezingen in 2007, nam Johan Vande Lanotte ontslag en kreeg Caroline het vertrouwen als nieuwe voorzitter van sp.a.

En haar motto blijft ze trouw, maar ze voegt er wel iets aan toe: “doe goed, ga vooruit en kijk of iedereen mee is”. Caroline is voorzitter van een partij die leeft. Een partij van vlees en bloed. Een partij ook, die kan incasseren, die luistert en die antwoorden biedt.

Top

Johan Vande Lanotte(2005-2007)

Johan Vande LanotteGepokt en gemazeld in de politieke wereld. Niet te verwonderen als je weet dat hij zijn politieke loopbaan begon als kabinetschef bij toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Louis Tobback in 1998. In datzelfde jaar werd hij ook aangesteld als professor aan de Universiteit van Gent. Zijn natuurlijke habitat, zoals hij het zelf omschrijft. Zijn echte stiel, diegene “waarmee hij zijn ego mee maakt of kraakt”.

Geboren en getogen in het diepe West-Vlaanderen, Stavelo, - bachten den kuupe, zou je durven zeggen – vraagt zijn mentor Louis Tobback om te verkassen naar de koningin der badsteden, Oostende. Nieuw leven blazen in die afdeling was zijn opdracht. Johan gaat in op de vraag en zijn methode blijkt aan te slaan. Binnen het jaar krijgt hij voldoende stemmen achter zijn naam om hen te vertegenwoordigen in de federale Kamer.

Het duurt niet lang vooraleer hij zijn eerste slag binnenhaalt. Wie aan de Noordzee denkt, ziet ook de kustlijn voor zich. Een fantastisch zicht dat steeds meer verpest werd door een alles en niets ontziende bouwwoede. Met het duindecreet stelde hij daaraan resoluut een einde.

Daarna werd hij minister en vice-premier in de federale Regering. Zijn passage bleef niet onopgemerkt met onder andere zeven sluitende begrotingen op een rij en gratis woon-werkverkeer op het spoor.

Vandaag is Johan senator. Politieke schermutselingen zal hij niet schuwen. Dat zit nu eenmaal niet in de aard van het beestje. Maar hij is vooral provinciaal voorzitter van West-Vlaanderen.

Top

Steve Stevaert (2003-2005)

Steve StevaertSteve Stevaert voorstellen, hoeft nauwelijks. Het socialisme moet gezellig zijn of niet zijn. Als mijn tante wieletjes had, dan was ze een trotinette. Het is maar een greep uit zijn kwinkslagen waarop hij ons trakteerde. Het hoeft geen verwondering te wekken dat de voormalige café-baas uit Hasselt in een mum van tijd een geliefd politicus werd. Waar Steve verscheen, was het ambiance.

Maar Steve was en is meer dan oneliners alleen. Zo zette hij mobiliteit – een thema waar weinig politici zich aan wilden waagden – op de agenda. Met het decreet basismobiliteit gaf hij iedereen het recht op betaalbaar openbaar vervoer op redelijke afstand van zijn woonplaats. Gratis openbaar vervoer voor 65-plussers was ook een van zijn gesmaakte maatregelen. Gratis, het woord is gevallen, gaf hem de oneerbiedige bijnaam Steve Stunt. Nochtans liet zijn verhaal van sociale herverdeling niemand koud.

Ook op het vlak van energie behaalde Steve resultaten. Onder meer met de gratis basislevering elektriciteit. En wie denkt dat Steve enkel ging voor zaken waar niemand tegen kon zijn, heeft het mis. Een dossier zoals de zonevreemde woningen schoof hij niet opzij.

Na het afscheid van Patrick Janssens als voorzitter werd Steve het boegbeeld van de sp.a. Hij was voorzitter tot hij besloot om zich opnieuw toe te leggen op zijn geliefde Limburg, waar hij het gouverneurschap op zich nam.

Top

Patrick Janssens (1999-2003)

Patrick Janssens1999 was een niet al te beste bladzijde in de geschiedenis van de partij. Bij de ‘moeder aller verkiezingen’ bereikte de SP een historisch dieptepunt met 15 %. En toen kwam Patrick Janssens. De vreemde eend in de bijt. Een reclameman – hij was directeur bij VVL/BBDO- die de partij zou leiden. De kritiek was aanvankelijk nogal luid. Dat keerde behoorlijk snel.

Onder Patrick onderging de partij een grondige vervelling. SP, een in zichzelf gekeerde partij, was niet meer. sp.a was geboren. Een partij die het lef heeft om deuren en vensters open te zetten, om te luisteren wat leeft en beweegt in de samenleving. Een partij die investeert in mensen en ideeën. De Tabasconota gaf de toon aan en het gelijke kansendiscours vond zijn weerklank. Terecht.

De Tabasconota was inderdaad zo heet als de naam aangeeft. Een kritische evaluatie van de eigen partij en haar structuren gaf de aanzet om te komen tot een progressieve, zelfbewuste, sociaal-democratische toekomstgerichte partij.

In 2003, in volle koers naar de parlementsverkiezingen, stond politiek Antwerpen onder ongeziene stoom. Het volledig schepencollege gaf haar ontslag na aantijgingen van misbruik van de VISA-kaart van enkele van haar leden. Patrick stelde zich kandidaat-burgemeester en mocht de sjerp omgorden. In 2006 verzilverde hij die functie. Met verve. De Antwerpenaren kozen overduidelijk voor Patrick.

Top

Fred Erdman (1998-1999)

Fred ErdmanRust, kalmte en diplomatie. Dat zijn de bijvoeglijke naamwoorden die Fred Erdman het meest typeren. En dat waren ook de verlangens van de toenmalige SP, na het noodgedwongen vertrek van Louis Tobback.

Begonnen als een interimjob nam Fred uiteindelijk de leiding van de partij gedurende twee jaar waar. Hij is misschien een minzaam man, timide zelfs. Maar dat betekent geenszins dat hij niet durfde uit te komen voor waarin hij gelooft. Bewijs daarvan was zijn voortrekkersrol in het euthanasiedossier. Zijn voorbereidend werk leidde uiteindelijk tot de totstandkoming van de wet, goedgekeurd in 2000.

Na zijn voorzitterschap werkte hij verder in de Kamer van Volkvertegenwoordigers. In 2003 nam hij afscheid van actieve politiek en wijdde hij zich opnieuw ten volle op zijn taak als advocaat.

Top

Louis Tobback (1994-1998)

Louis TobbackWie stopt voor het rode licht in de woestijn? Louis Tobback. Inderdaad. Hij draait zijn hand – of tong – niet om voor een gevatte opmerking. Gemeend, maar tegelijkertijd door iedereen gehoord en vooral onthouden. Hij was voorzitter in de minst fijne episode van de socialistische partij: de uitbarsting en gevolgen van de Augusta-affaire. Desalniettemin slaagde hij erin om de neerwaarts gaande spiraal te keren met de campagne’ uw sociale zekerheid’ en behaalde zomaar even 20,7 % van de stemmen.

Een verkiezing winnen is een bijzondere zaak, een partij rechthouden een andere. Geen gemakkelijke klus. Zoveel is zeker. Mensen, belangrijk voor de werking van de partij, verdwenen. Daarnaast speelden de financiële gevolgen een kwalijke rol. Niettegenstaande slaagde Louis erin om de partij, intern en extern, recht te houden.

Met het toekomstcongres van mei 1998, voorgezeten door Norbert De Batselier, werden 11 contracten gesloten met nieuwe ideeën en acties voor de partij. Samen met Steve Stevaert werd gezocht naar nieuwe gezichten op de lijsten.

In datzelfde jaar werd hij vice-premier en minister van Binnenlandse Zaken nadat de ontsnapping van Dutroux een abrupt eind had gesteld aan het mandaat van Johan Vande Lanotte.

Vandaag is Louis burgemeester van Leuven.

Top

Frank Vandenbroucke ( 1988-1994)

Frank VandenbrouckeLange tijd was Frank de jongste voorzitter van de socialistische partij ooit. Op 34-jarige leeftijd nam hij de fakkel over van Karel Van Miert. Jong, maar allerminst onervaren. Zijn eerste stappen in de politiek zette hij als wetenschappelijk medewerker op de studiedienst van de partij, het SEVI. In 1985 ruilde hij de coulissen voor het podium en werd kamerlid.

Geëngageerd voor de partij en geïnspireerd door zijn voorganger wou hij werk maken van de vernieuwing van de partij. De ‘Jonge Turken’ van begin jaren ‘80 gold als voorbeeld. De oprichting van de Dominogroep was hiertoe een belangrijke eerste stap. Johan Vande Lanotte, Anne Van Lancker, Renaat Landuyt, Steve Stevaert en Philippe Decoene maakten er deel van uit. Mensen waarvan je bezwaarlijk kan beweren dat je van hen achteraf niets meer gehoord hebt.

Het jaar 1995, met de Agusta-affaire, was een zwarte bladzijde in de geschiedenis van de partij. Een affaire die Frank Vandenbroucke, toen ook minister van Buitenlandse Zaken, zwaar ontgoochelde en trof. Hij ruilde de Belgische politiek voor de universiteit van Oxford , waar hij werkte aan zijn doctoraatsthesis. Die herbronning was een schot in de roos en in 1998 kwam hij terug op het toneel op het Toekomstcongres. Een nieuw inhoudelijk project werd geboren: de actieve welvaartstaat. Nauwelijks een jaar later werd hij minister van Sociale Zaken en Pensioenen in de Federale Regering Verhofstadt I. Ook na de Federale verkiezingen van 2003 was hij opnieuw van de partij in de Paarse Regering als minister van Werk en Pensioenen. De regionale verkiezingen in 2004 betekende zijn overstap naar de Vlaamse Regering onder Leterme. Hij werd en is er nog steeds vice-minister-president en minister van Werk, Onderwijs en Vorming.

Top

Karel Van Miert (1977-1989)

Karel Van MiertGeboren en getogen in de Kempen in 1942 begon Karel Van Miert, na zijn diplomatieke wetenschappen aan de Gentse Universiteit, op jonge leeftijd aan een carrière binnen de socialistische partij. Een rijke en gevulde carrière , zo zou de geschiedenis al snel leren. In 1976 werd hij Internationaal Secretaris van de BSP. Een jaar later combineerde hij de functie van co-voorzitter van de BSP-PSB met die van kabinetschef van Willy Claes.

In 1978 werd hij partijvoorzitter. Zowat een decennium lang nam hij de leiding van de partij waar. Onder zijn leiding splitste de BSP in de Vlaamse SP en de Waalse PS. Karel Van Miert had een duidelijke visie: SP moest een partij worden mét een duidelijke visie en gezicht. Een opzet die nieuwe mensen vereiste die samen de lijnen van de partij uitdachten en vorm gaven. dat opzet kreeg een naam: de ‘Jonge Turken’. Wie maakte er deel van uit? Louis Tobback, Luc Van den Bossche, Norbert De Batselier, Freddy Willockx, Louis Vanvelthoven en Marcel Colla. Klinkende namen, kleppers in de geschiedenis van de partij. De kroniek van een aangekondigd succes. SP ging hevig tekeer in thema’s die de samenleving sterk beroerden, denk maar tegen de invoering van de kruisraketten. Met ‘Voor Vrede en Werk’ gaf Van Miert een radicaal Sociaal-Economisch antwoord op het neoliberale offensief.

Een nieuwe generatie was geboren. Eén met haar op de tanden. Dat bleek uit de gemeenteraadsverkiezingen van 1982 en zeker uit het eclatant succes van de Europese Verkiezingen van 1984. Karel trok de lijst en behaalde een score van 28,1 %. In 1985 werd de winst verzilverd bij de parlementsverkiezingen met een mooie 23,75 %. En de opmars ging verder met een resultaat van 24,6 % in 1987, waarmee de partij opnieuw deel uitmaakte van de regering.

Karel werd ook Europees Parlementslid in 1979. Een mandaat dat hij opnam tot 1985.
In 1988 ruilde hij het voorzittersschap in voor de functie van Europees Commissaris van, achtereenvolgens, bevoegd voor Transport, Krediet en Investeringen en Consumentenbeleid (1989-1993), voor Concurrentiebeleid, Personeelszaken en Algemeen Beleid (1993-1995), voor Concurrentiebeleid (1995-1999).

Top

Willy Claes (1975-1977)

Willy ClaesSocialisten hebben de traditie om al op erg jonge leeftijd gebeten te worden door het politiek beestje. Willy spant zowaar de kroon. Jong, brandend van ambitie en met een hoofd vol plannen werd hij op 17-jarige leeftijd provinciaal secretaris van de Jongsocialisten. Daarna ging het snel. Verkozen tot gemeenteraadslid in zijn geboortestad Hasselt op zijn 25ste. Het jaar daarop werd hij algemeen secretaris van de socialistische mutualiteit van Limburg en lid van het nationaal BSP-bureau. Tussendoor vond hij ook nog de tijd om succesvol zijn studie sociale en politieke wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel af te ronden.

In 1968 zette hij als volksvertegenwoordiger in de Kamer zijn eerste stappen in de nationale politiek. In 1972 werd hij minister van Nationale Opvoeding in de regering Eyskens-Cools. Het daaropvolgende jaar werd hij minister van Economische Zaken in de regering Leburton. In 1975 werd hij voorzitter van de socialistische partij.

Tussen 1977-81 en 1988-92 wenkte opnieuw de regering en was hij minister van Economische Zaken. In die laatste periode was hij ook vice-premier. Tussen 1992 en 1994 zetelde hij in de regering als vice-premier en minister van Buitenlandse Zaken. Daarnaast leidde hij de partij van de Europese Socialisten.

In 1994 ruilde hij de nationale politiek voor het internationaal forum en werd secretaris-generaal van de NATO. De nasleep van de Agusta-zaak zorgde ervoor dat hij de NATO vroegtijdig verliet.

Geroemd als politicus. Befaamd als pianist. Ziehier Willy Claes in een notendop.

Top

Voorzitters na WO II:

Max Buset (1945-1959)
Leo Collard (1959-1971)
Jos Van Eynde en Edmond Leburton (1971-1973)
Jos Van Eynde en André Cools (1973-1975)